Eerste levensdag lam: hygiëne, gezondheid en biest

De eerste levensdag van een lam draait om hygiëne, gezondheid en een goede biestverstrekking. Een vliegende start is essentieel, maar wat maakt nu écht het verschil? 

Geboortehygiëne
De eerste levensdag begint in de stal. Geef de moedergeit de ruimte om zelf af te lammeren. Is hulp toch nodig? Gebruik dan handschoenen en ontsmet de geit om de geboorteweg zo schoon mogelijk te houden. Na de geboorte controleer je meteen de gezondheid van het lam. Het moet vrij kunnen ademen en een snelle hartslag hebben. Dit kun je eenvoudig controleren bij pasgeboren lammeren.

Hygiëne
Een pasgeboren lam heeft geen afweer en is kwetsbaar voor ziektekiemen. Zorg ervoor dat het lam bij de geboorte de grond niet raakt en ontsmet de navelstreng direct met jodiumtinctuur op alcoholbasis. Plaats het lam daarna zo snel mogelijk in een schone bak buiten de stal. In de stallucht kunnen namelijk pathogenen aanwezig zijn die long- en diarreeproblemen veroorzaken.

Opdrogen
Het lam wordt bij voorkeur via een luik naar een afgesloten ruimte gebracht, waar het biest krijgt. Deze ruimte is verwarmd tot 23-24°C en heeft een luchtvochtigheid van minder dan 70%. Zo droogt het lam snel op. Eventueel kun je het lam afdrogen in de stal of onder warmtelampen in de biestruimte leggen. Zorg ervoor dat zowel het lam als de navelstreng volledig droog zijn voordat het de biestruimte verlaat.

Biestwinning
De verse geiten worden gemolken in de melkstal, meestal met een minimelker. Analyseer de biest op kwaliteit met een digitale refractometer. De Brix-waarde, gemeten via lichtbreking, geeft een indicatie van de IgG-concentratie in de biest (g/L). Biest met een Brix-waarde van minimaal 23% is geschikt voor gebruik. Zorg ervoor dat spenen, de minimelker en de dumpemmer schoon zijn. Gebruik alcoholdoekjes om de spenen vóór het melken schoon te maken en reinig de minimelker na gebruik grondig. Dit voorkomt dat biest, die van nature schoon uit de uier komt, wordt besmet.

Biestvoeding
Biestverstrekking via flesvoeding heeft de voorkeur, omdat het natuurlijk drinkgedrag van het lam wordt gestimuleerd. Voor flesvoeding gelden de volgende richtlijnen:

  • 5% van het geboortegewicht aan biest ≤ 2 uur na geboorte
  • 5% van het geboortegewicht aan biest ≤ 6 uur na geboorte
  • 5% van het geboortegewicht aan biest ≤ 10 uur na geboorte

Bij gebruik van sondevoeding is dit het advies:
  • 8% van het geboortegewicht aan biest via sonde ≤ 2 uur na geboorte
  • 5% van het geboortegewicht aan biest via fles tussen 12 en 24 uur na geboorte

De eerste levensdag is cruciaal voor een gezonde groei en ontwikkeling van je lammeren. Met aandacht voor hygiëne, gezondheid en biest leg je een stevige basis. Benieuwd hoe je deze aanpak verder kunt verfijnen en optimaal kunt laten aansluiten bij jouw bedrijf? Neem contact op met een van onze opfokspecialisten

Chat